photo

U kunt zich hier aanmelden voor onze nieuwsbrief die maandelijks verschijnt!

Dan ontvant u de nieuwsbrief per email.

en u kunt zich hier afmelden.

Foto Notaris Simonis

Nieuwsbrief Mei 2009

Het heeft helaas enige tijd geduurd voordat ik u kon voorzien van relevante nieuwigheden.

Thans staat met name de wijziging van de Successiewet op stapel.
De Successiewet regelt de belastingbetaling op erfenissen en schenkingen.
Het is de bedoeling dat de wet van kracht wordt op 1 januari 2010 en geldt voor belastbare feiten die ná die datum plaatsvinden. Overlijdt u of schenkt u vóór 1 januari 2010 dan geldt dus nog de nu bestaande wet.

Er wordt in het vervolg gesproken over erf- en schenkbelasting en niet meer over successie- en schenkingsrecht.

De navolgende wijzigingen kunnen voor u relevant zijn.

-  Er zijn nog maar 3 tariefgroepen:

Tariefgroep 1: partners en kinderen
Tariefgroep 2: kleinkinderen
Tariefgroep 3: overige verkrijgers

Voor tariefgroep 1 geldt het volgende: als de verkrijging lager is dan € 125.000,00 betaalt de verkrijger 10% over het verkregene. Is de verkrijging € 125.000,00 en hoger dan 20%.

Voor tariefgroep 2 zijn voormelde percentages respectievelijk 18% en 36%.
Voor tariefgroep 3 zijn voormelde percentages respectievelijk 30 en 40%.

Een forse besparing dus voor tariefgroep 3: deze begon onder de oude wet met een percentage van 41% en dat liep door tot 68%!. Het wordt dus gunstiger om bijvoorbeeld aan uw neven en nichten te schenken of hen in uw testament te benoemen.

-  Er gelden ook andere vrijstellingsbedragen.

Voor de erfbelasting geldt:
De partner heeft een maximale vrijstelling van € 600.000,00 (dit was € 500.000,00).
De kinderen en kleinkinderen hebben een vrijstelling van € 19.000,00 en de overige verkrijgers een vrijstelling van € 2.000,00.

Voor de schenkbelasting geldt:
Kinderen hebben een vrijstelling van € 5.000,00. Als zij tussen de 18 en 35 jaar zijn mag u aan hen éénmalig een bedrag van € 24.000,00 vrij schenken.
Alle overige verkrijgers hebben een vrijstelling van € 2.000,00.

-  Wie worden als partners gezien?

Alle gehuwden en geregistreerde partners worden als partners aangemerkt.
Alle anderen kunnen alleen als partner worden aangemerkt als zij aan de volgende eisen voldoen:
- zij moeten beiden meerderjarig zijn;
- ingeval van erfbelasting moeten zij minimaal 6 maanden (bij de schenkbelasting is dat minimaal 2 jaren) op hetzelfde adres staan ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie nadat zij meerderjarig zijn geworden;
- zij mogen geen bloedverwanten in de rechte lijn zijn (dus geen ouder-kind relatie);
- men kan meer ten hoogste 1 partner hebben;
- er moet een notarieel verleden samenlevingscontract zijn opgesteld dat ouder is dan 6 maanden respectievelijk 2 jaren.

-  Uitkeringen krachtens levensverzekering.

Indien partners in gemeenschap van goederen zijn gehuwd is de uitkering van de levensverzekering bij overlijden geheel belast. Thans wordt die uitkering in het algemeen alleen belast voor zover hij is toe te rekenen aan de erflater. Bij gemeenschap van goederen zal de uitkering dus voor de helft belast worden met erfbelasting.

-  WOZ-waarde woning.
Voor woningen geldt de WOZ-waarde ook voor de waarde die u moet opgeven voor de erfbelasting.

-  Indien een erfgenaam binnen 30 dagen na de erflater overlijdt, vervalt de erfbelasting die de erfgenaam zou hebben moeten betalen over de erfenis van de erflater. Er wordt dan alleen belasting geheven over de erfenis die de erfgenaam zelf weer in hoedanigheid van erflater nalaat. Hiermee wordt voorkomen dat er 2 keer kort na elkaar belasting wordt geheven over dezelfde goederen.
Voor het geval u het niet duidelijk vindt een voorbeeld:
A overlijdt op 1 maart 2009. Zijn erfgenaam is B. B overlijdt op zijn beurt op 15 maart 2009 (dus binnen 30 dagen na A). De erfgenaam van B is C.
Er wordt nu alleen erfbelasting geheven over de verkrijging door C en wel over dat wat C krijgt uit de nalatenschap van B.

-  Het recht van overgang wordt afgeschaft. Dit betreft een belasting op vermogen in het buitenland.

-  Er komt een aanscherping van de regels om als ANBI (Algemeen Nut Beogende Instelling) te kunnen worden aangemerkt. In de volksmond zijn dit de "Goede Doelen". Om als ANBI te kunnen worden aangemerkt moet de instelling zich voor minimaal 90% richten op het algemeen nut. De bestaande ANBI-beschikkingen vervallen en de huidige ANBI's moeten zich opnieuw aanmelden bij de belastingdienst om voor de beschikking in aanmerking te komen. Giften aan ANBI's vallen onder de giftenaftrek-regeling en er is een algehele vrijstelling voor erf- en schenkbelasting maar dat is nu ook al het geval.

Als een instelling niet meer als ANBI gerangschikt kan worden dan kan zij wellicht wel als SBBI gelden. Een SBBI is een Sociaal Belang Behartigende Instelling. Hiervoor is geen beschikking van de belastingdienst nodig. Er is een algemene vrijstelling voor de schenk- en erfbelasting. Maar giften aan deze instellingen komen niet voor de giftenaftrek-regeling in aanmerking! Wanneer er sprake is van sociaal belang is niet nader in de wet aangegeven. Het gaat in ieder geval om instellingen die naast een particulier belang ook een belangrijke rol in de maatschappij vervullen. Men kan denken aan amateursportinstellingen, dorpshuizen en muziekverenigingen die niet meer als ANBI kwalificeren.

Sommige clienten hebben hun vermogen afgezonderd in een particulier doelvermogen waarmee meer dan bijkomstig een particulier belang wordt gediend. Deze vermogens worden fiscaal transparant. Hetgeen wil zeggen dat het deel van het vermogen dat door persoon A is ingebracht voor de belastingheffing wordt toegerekend aan persoon A en bij hem dus wordt belast in Box I, II of III Inkomstenbelasting, afhankelijk van welk vermogensbestanddeel het betreft. Er is voorzien in een overgangsrecht en u dient zich daartoe te richten tot de belastinginspecteur met een verzoek om daarvoor in aanmerking te mogen komen.

-  Diverse belastingbesparende constructies vervallen of worden minder aantrekkelijk gemaakt:

Direct opeisbare renteloze lening
Indien in werkelijkheid geen sprake is van directe opeisbaarheid wordt de geldverstrekker geacht een schenking te hebben gedaan van het vruchtgebruik van de lening. Over de waarde van het vruchtgebruik zal schenkbelasting dienen te worden voldaan door degene die de lening heeft gekregen.

Herroepelijke schenking
Wanneer een schenker een eerder gedane schenking terugdraait, wordt de betaalde schenkingsbelasting niet meer geheel door de belastingdienst terug betaald. De belastingdienst gaat rekening houden met de voordelen die tijdens de periode dat de schenking heeft bestaan, zijn verkregen.

Aanschaf vermogen in het zicht van overlijden
Wanneer u van plan bent in het zicht van uw overlijden nog gauw iets aan te kopen waarvoor voor uw erfgenamen een vrijstelling van erf- of schenkbelasting geldt dan wordt dit onder de nieuwe wet lastiger. Er gaat namelijk de eis gelden dat u het goed meer dan 1 jaar vóór uw overlijden in eigendom moet hebben verkregen.

Fictiebepalingen worden aangescherpt.
- Bij verkopen met uitgestelde levering wordt toch normaal de waardestijging belast.

- Uitkeringen van levensverzekeringen waarbij degene op wiens leven de verzekering is afgesloten zelf als verzekeraar optreedt zijn ook belast.

- Wanneer een persoon zijn woning overdraagt aan zijn kinderen en daarbij het recht van vruchtgebruik voorbehoud, terwijl de kinderen de koopsom niet betalen, wordt onder de huidige wet belasting met successiebelasting. Onder de nieuwe wet is dat ook zo maar worden deze gevallen uitgebreid met allerlei soortgelijke gevallen waarbij de persoon zelf geen partij bij de rechtshandeling behoeft te zijn geweest. Dus ook omzettingen krachtens een testament bijvoorbeeld kunnen hieronder gaan vallen.

Turbotestament / ik-opa-testament e.d.
Deze testamenten vallen in het nieuwe recht onder de belaste verkrijgingen.

-  Bedrijfsopvolgingsfaciliteiten
-  de conserverende aanslag voor het voorwaardelijk vrijgestelde deel van de verkrijging vervalt. Hiervoor komt een vrijstelling in de plaats die voorwaardelijk is en na 5 jaar voorzetting van de onderneming definitief wordt. Moet er niettemin erf- of schenkbelasting worden betaald, dan kan een conserverende aanslag worden gevraagd met een looptijd van maximaal 10 jaar.

- Voor de toepassing van de faciliteit wordt aangesloten bij het materiele ondernemingsbegrip in de Inkomstenbelasting. Dit geldt ook voor verkrijging van aandelen in een kapitaalvennootschap. Echter de staatssecretaris heeft aangegeven dat er niet snel sprake is van een onderneming bij enkel verhuur van onroerende zaken en ook niet bij een omvangrijke vastgoedportefeuille waarbij men normaal onderhoud verricht. De situatie kan anders zijn in geval van projectontwikkeling.

- De marge van 15% bij beleggingsvermogen in een kapitaalvennootschap wordt 5% en wordt gekoppeld aan het bedrijfsvermogen en niet meer aan de waarde van de aandelen.

- Ingeval ondernemingsvermogen wordt geschonken moet dit ondernemingsvermogen minimaal 5 jaar daaraan voorafgaand in het bezit van de schenker zijn geweest. Voor erfbelasting geldt 1 jaar.

- De huidige eis dat de schenker ten minste 55 jaar is en ten minste 45% arbeidsongeschikt vervalt.

- De bedrijfsopvolgingsfaciliteit bij verkrijging van een medegerechtigdheid in een onderneming op grond van de Inkomstenbelasting of van preferente aandelen in een kapitaalvennootschap wordt alleen verleend als er sprake is van een gefaseerde bedrijfsoverdracht.

- Het beleidscriterium bij indirecte belangen geldt niet meer. Er geldt nu één kwantitatief criterium van 5%.

- De bedrijfopvolgingsfaciliteit wordt uitgebreid met de situatie waarin de aandeelhouder een onroerende zaak (!) overeenkomstig artikel 3.92 Wet IB 2001 ter beschikking stelt aan de vennooschap en die onroerende zaak dienstbaar is aan de onderneming van die vennootschap. Voorwaarde is dat de verkrijger van de onroerende zaak ook de aandelen (deels) verkrijgt.

- De voorwaardelijke vrijstelling van 75% van de going-concernwaarde wordt verhoogd naar 90%.

Voorts zijn er per 1 januari 2010 nog wijzigingen op handen voor de directeur-grootaandeelhouder. Deze wijzigingen betreffen dus een andere wetswijziging dan de hiervoor genoemde.

- In tegenstelling tot bij vererving geldt nu geen doorschuiffaciliteit bij schenking van aanmerkelijkbelangaandelen. Dit zou tot uitstel van bedrijfsopvolging kunnen leiden, hetgeen niet is gewenst. Vandaar dat er ook een doorschuiffaciliteit komt voor schenking van aanmerkelijkbelangaandelen die zoveel mogelijk aansluit bij die van de vererving. Een wijziging is dat er sprake moet zijn van een materiële onderneming. Dit gaat ook voor de vererving gelden.

- Wanneer aanmerkelijkbelangaandelen worden overgedragen of geschonken en de koopprijs wordt schuldig gebleven, kan 10 jaar renteloos uitstel van betaling worden verkregen voor de belastingheffing. Deze faciliteit geldt thans alleen voor de familiekring. Deze beperking vervalt. De regeling gaat uitsluitend gelden voor overdracht van ab-aandelen met schuldig blijven van de koopprijs omdat voor de schenking van ab-aandelen een doorschuifregeling gaat gelden (zie hiervoor).

- Een pand dat ter beschikking is gesteld aan een BV met een materiële onderneming mag binnen een periode van 1 jaar na invoering van de wet worden ingebracht in die BV zonder heffing van Inkomstenbelasting en Overdrachtsbelasting. Het pand gaat dan tegen de boekwaarde  over naar de BV.

- De MKB-winstvrijstelling, de herinvesterings- en de kostenegalisatiereserve gaan ook gelden voor de terbeschikkingsregeling.

- Wanneer een terbeschikkingstelling eindigt zonder dat de terbeschikkinggestelde zaak wordt vervreemd geldt een rentedragende uitstelregeling met een vermogenstoets. Deze vermogenstoets vervalt.

Yvonne Simonis